GIANT

giant

George Stevens regisseur: "In ieder woord en gebaar lag iets poetisch. Ik had steeds het gevoel dat hij gestoord
was, op een overweldigende wijze toegewijd aan een of andere ondefinieerbare inspiratiebron...en hij, noch
iemand anders zal er ooit achter komen wat dat was. Ik zie nog voor me hoe hij achter zijn bril met zijn ogen
knipperde als hij zich schuldig voelde over iets belachelijks wat hij had gedaan en doordat hij zich er zelf iets
van scheen aan te trekken, onthulde hij toch dat hij op de één of andere manier voelde dat het beneden peil
was wat hij deed. Hij was altijd aan het rekken en trekken, hij had zo'n beschaafd gekunsteld gebrek aan
verantwoordelijkheid ontwikkeld "voor jou is het niet makkelijk", leek hij te willen zeggen, "maar ik moet het
nu eenmaal zo doen." Voor een regisseur is zo iemand niet de meest prettige persoon om mee te werken."
James dean in discussie met George Stevens: "Ben je uitgeraasd? Dan zal ik je één ding zeggen. Ik ben geen
machine. Ik mag dan in een fabriek werken, maar ik ben geen machine. Ik ben de hele vrijdagnacht
opgebleven om die scene te doen. Ik heb me de hele nacht op die scene voorbereid. Ik kwam op tijd om aan
het werk te gaan en jij laat me de hele dag hier rondhangen. Besef je eigenlijk wel dat ik voor mezelf emotionele
herinneringen oproep? Dat ik met mijn zintuigen werk...met wat ik zie, hoor, ruik en voel? Ik kan je wel zeggen
dat ik voor iedere dag dat je me laat wachten, vervolgens twee dagen nodig heb !Daarna drie en dan vier.
Dat komt op jouw rekening. En jij gaat niet verhinderen dat ik mijn werk doe. Laten we nu maar naar de set
teruggaan. Meer woorden zijn overbodig.........."

Rock Hudson had grote moeite met James Dean, kon niet met hem omgaan (James deed alles ten goede van
de film, zijn tegenspelers zagen dit niet). Rock: "Voor hij op de set verscheen, deed hij altijd een warming-up,
net als een bokser. Hij kwam nooit binnen het bereik van de camera, zonder eerst hoog in de lucht te springen
of op volle snelheid, krijsend als een roofvogel heen en weer te rennen. Al die tijd dat ik met de man heb
gewerkt, heb ik nooit een normaal woord uit hem gekregen. Hij leek altijd ergens kwaad over te zijn.
Ik mocht Dean niet zo. Hij was altijd lastig in de omgang. Hij had de pest aan George Stevens, vond hem geen
goede regisseur en hij was altijd kwaad en deed heel minachtend. Hij glimlachte nooit. Hij was chagrijnig en
had geen manieren."
James Dean: "Stevens is een geboren filmer. Hij is zo oprecht, zo bescheiden en hem ontgaat nooit iets. We
hebben een prachtig scenario voor deze film. Als Hollywood wil, kan het fantastische dingen doen: deze film
zou daar een voorbeeld van kunnen zijn. Ik hoop het echt."
Als James de bandrecorder ontdekt: "Fantastisch, een enorme hulp bij mijn werk. Voor de rol van Jett Rink
had ik bijvoorbeeld banden van mensen met een texaans accent. Het gaat erom dat lijmerige niet te
overdrijven...het moet net goed zijn."
William Mellor, cameraman: "Voor de camera had hij een haast griezelige intuitie. Ik kan me niet herinneren
ooit met iemand te hebben gewerkt met een dergelijk talent. Hij stond in de schaduw en moest zijn hoofd naar
het licht opheffen. We legden hem uit wat de bedoeling was en hij leek dat al meteen, tot op de halve
centimeter precies, te hebben voorbereid. Het leek alsof hij al wist hoe het moest zijn, zonder enig repeteren
of wat dan ook." "Bekijk me maar goed", zei James tegen hem, "mischien krijg je die kans nooit meer."
Elizabeth Taylor; "Het was een verrassende ervaring om met JIMMY aan een scene te werken. Je voelde de
personage tot leven komen, hij werd de figuur die hij speelde als het ware zelf. Zijn concentratie was totaal..

Recensie uit het tijdschrift Time; Het is uitgerekend de overleden James Dean, die zijn kwaadaardige personage
tot het sterkste en venijnigste van de film maakt. De heer Dean speelt de zonderlinge boef op een gestileerd
angstaanjagende manier...met een soort sluwe, onconventionele apathie en brabbelend taalgebruik...die
volledig op wrok is gebaseerd. Dit is een spookachtige bekroning van de korte carriere van de heer Dean.
New York Times; James Dean, die twee weken geleden na de opnamen van zijn laatste scene in Giant bij een
ongeluk met zijn sportwagen om het leven kwam, toont in deze film duidelijk voor het eerst (en alsof het zo was
voorbeschikt voor het laatst), wat zijn bewonderaars altijd beweerden..dat hij een vleugje genialiteit bezit. Het
texaanse accent heeft hij zich op een perfecte nasale manier eigen gemaakt. In een scene met Caroll Baker is
het Dean gelukt om een verbazingwekkende reeks subtiliteiten in de stemming van het moment te persen en hij
creëert zo, wat beslist de beste gesproken acteerprestatie op het witte doek genoemd kan worden, sinds de
scene van de broers Marlon Brando en Rod Steiger in On the Waterfront.

Giant Giant Giant Giant Giant

back home next